Geweerd wegens een abnormaal lage prijs, dan gered door de intrekking: de aanbesteder trekt zijn gunning aan Lixon in en draagt de kosten
Nadat de sociale huisvestingsmaatschappij Toit & moi de offerte van Hullbridge Associated voor een werkenopdracht had geweerd wegens een schijnbaar abnormaal lage prijs en de opdracht aan de NV Lixon had gegund, trok zij die beslissing in; omdat geen enkele inschrijver de intrekking binnen de termijn aanvocht, werd ze definitief en verloor het hoogdringende beroep van Hullbridge zijn voorwerp, met de kosten ten laste van de aanbesteder.
Wat gebeurde er?
De NV Hullbridge Associated vorderde bij verzoekschrift van 26 december 2013 de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van twee beslissingen van de coöperatieve vennootschap van publiek recht Toit & moi, de sociale huisvestingsmaatschappij van de regio Bergen: enerzijds een beslissing van 13 december 2013, anderzijds een beraadslaging van 6 september 2013. Daarmee was de offerte van Hullbridge voor de betwiste werkenopdracht onregelmatig verklaard wegens een schijnbaar abnormaal lage prijs, was de opdracht aan de NV Lixon gegund en had de aanbesteder beslist de Commissie voor erkenning der aannemers in te lichten over de wering van de offerte van Hullbridge wegens die abnormaal lage prijs. Bij een eerder arrest nr. 226.353 van 6 februari 2014 had de Raad van State de uitspraak aangehouden en de zaak sine die verdaagd. Vervolgens trok Toit & moi bij beslissing van 17 januari 2014 de bestreden beslissing van 6 september 2013 in — die onder meer de gunning aan Lixon en de melding aan de erkenningscommissie inhield. Die intrekking werd op 22 januari 2014 betekend aan de NV Lixon, aan wie de opdracht was gegund; de betekening vermeldde de rechtsmiddelen en de na te leven vormen en termijnen. Lixon vorderde niet binnen de voorgeschreven termijn de nietigverklaring van de intrekkingsbeslissing. De Raad van State leidde daaruit af dat de intrekking als definitief kon worden beschouwd, wat het beroep zijn voorwerp ontnam. Omdat het de intrekking van de bestreden akte was die het geschil zonder voorwerp maakte, rechtvaardigde diezelfde intrekking dat de kosten ten laste van de aanbesteder werden gelegd. De Raad besliste dat er geen uitspraak meer hoefde te worden gedaan en legde de kosten, begroot op 175 euro, ten laste van Toit & moi.
Waarom doet dit ertoe?
Het arrest illustreert een terugkerend patroon in het aanbestedingscontentieux: een afgewezen inschrijver trekt naar de Raad van State, en nog vóór een inhoudelijk oordeel trekt de aanbesteder zijn eigen beslissing in. Het beroep eindigt dan formeel ‘zonder voorwerp’, maar dat is geen nederlaag voor de verzoeker. De winst zit in het praktische resultaat — de betwiste gunning, hier aan Lixon, is van de baan — en in de kostenregeling: omdat het de intrekking is die het geschil uitholt, draagt de aanbesteder de kosten. Het arrest toont ook scherp wanneer een intrekking definitief wordt: zodra ze aan de begunstigde is betekend met vermelding van de rechtsmiddelen, vormen en termijnen, en niemand ze tijdig aanvecht. Pas dan is het beroep effectief zonder voorwerp. Voor een sociale huisvestingsmaatschappij die de erkenningscommissie al had willen inlichten over een ‘abnormaal lage prijs’, is de zaak bovendien een waarschuwing: zo’n stap heeft gevolgen voor de aannemer en wordt best niet lichtzinnig gezet wanneer de gunning zelf nog wankel staat.
De les
Vecht u als geweerde inschrijver een gunning aan en trekt de aanbesteder zijn beslissing in, beschouw het vervolg dan niet als verloren. Het beroep valt weliswaar zonder voorwerp, maar de betwiste gunning verdwijnt en de kosten komen ten laste van de aanbesteder. Controleer wel of de intrekking aan de begunstigde — hier Lixon — is betekend met de rechtsmiddelen, vormen en termijnen, want pas dan wordt ze definitief en is uw beroep echt zonder voorwerp. Bent u aanbesteder, dan luidt de les dat een gunning intrekken om een procedure recht te zetten legitiem is, maar dat u er de kosten van draagt; en dat een beslissing om een inschrijver bij de erkenningscommissie aan te geven wegens een abnormaal lage prijs zwaar weegt voor die aannemer en dus zorgvuldig moet worden afgewogen.
Te onthouden
- Trekt de aanbesteder de bestreden gunningsbeslissing in, dan verliest het beroep zijn voorwerp en spreekt de Raad van State zich niet meer ten gronde uit.
- De intrekking is pas definitief wanneer ze aan de begunstigde (hier Lixon) is betekend met vermelding van de rechtsmiddelen, vormen en termijnen, en niet tijdig wordt aangevochten.
- Omdat de intrekking het geschil zonder voorwerp maakt, draagt de aanbesteder de kosten — hier begroot op 175 euro ten laste van Toit & moi.
- De bestreden beslissing hield niet alleen de gunning aan Lixon in, maar ook het voornemen om de Commissie voor erkenning der aannemers in te lichten over de wering van Hullbridge wegens een abnormaal lage prijs.
- Een eerder arrest (nr. 226.353 van 6 februari 2014) had de uitspraak aangehouden en de zaak sine die verdaagd.
Waarop letten
- Het ogenblik waarop een intrekking definitief wordt: betekening aan de begunstigde met de rechtsmiddelen, vormen en termijnen, en het uitblijven van een tijdig beroep.
- Het onderscheid tussen het praktische resultaat (de gunning verdwijnt) en het ontbreken van een inhoudelijk arrest over de abnormaal lage prijs.
- De gevolgen van een melding aan de erkenningscommissie voor de betrokken aannemer.
- Dat de kostenlast volgt uit de intrekking zelf, niet uit een beoordeling van de grond van de zaak.
Stel jezelf de vraag
Beseft u dat een door de aanbesteder ingetrokken gunning uw beroep weliswaar zonder voorwerp maakt, maar dat de betwiste gunning verdwijnt en de kosten bij de aanbesteder liggen? Hebt u nagegaan of de intrekking aan de begunstigde is betekend met vermelding van de rechtsmiddelen, vormen en termijnen, zodat ze definitief is? Als aanbesteder: weegt u de gevolgen af van een melding aan de Commissie voor erkenning der aannemers wegens een ‘abnormaal lage prijs’, gelet op de impact op de betrokken aannemer? Weet u dat de intrekking van de bestreden akte op zich de kosten naar de aanbesteder verschuift, ook zonder inhoudelijk oordeel?
Gerelateerde arresten
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →