zonder_voorwerp Nederlandstalig college

Vordering zonder voorwerp na impliciete intrekking van eerste gunningsbeslissing door latere vervangende beslissing — parallel verwerpingsarrest tegen nieuwe beslissing maakt schorsing eerste beslissing overbodig

Arrest nr. 262414 · 19 februari 2025 · XIVe kamer

De Raad van State verwerpt de vordering tot schorsing van de gunningsbeslissing van 27 november 2024 voor een raamovereenkomst geofysisch bodemonderzoek omdat deze beslissing impliciet werd ingetrokken door een nieuwe gunningsbeslissing van 19 december 2024, en een parallel arrest de vordering tegen die nieuwe beslissing eveneens verwierp.

Wat gebeurde er?

Het Agentschap Onroerend Erfgoed van het Vlaamse Gewest schreef een overheidsopdracht voor diensten uit met als voorwerp een raamovereenkomst voor geofysisch bodemonderzoek op diverse sites in Vlaanderen. Op 27 november 2024 werd een gunningsverslag opgesteld waarin de offerte van de verzoekende partijen (een tijdelijke maatschap van NV T. en BV S.) als substantieel onregelmatig werd beschouwd. De opdracht werd gegund aan W. Vervolgens bleek dat het gunningsverslag van 27 november 2024 ten onrechte geen melding had gemaakt van het feit dat een andere inschrijver (X) geen ingevuld en ondertekend Uniform Europees Aanbestedingsdocument had bijgevoegd en haar offerte eveneens substantieel onregelmatig had moeten worden verklaard. Om die reden werd op 17 december 2024 (ondertekend op 19 december 2024) een nieuw gunningsverslag opgesteld. Daarin werd opnieuw de offerte van de verzoekende partijen als substantieel onregelmatig beschouwd en werd voorgesteld de opdracht te gunnen aan W. De verwerende partij besliste op 19 december 2024 conform dit nieuwe verslag. De verzoekende partijen hadden op 25 december 2024 een eerste vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid ingediend tegen de beslissingen van 27 november 2024. Na kennisname van de nieuwe gunningsbeslissing van 19 december 2024 dienden zij op 13 januari 2025 een tweede vordering in tegen die beslissing (rolnummer 243.941/XIV-39.721). De verwerende partij wierp op dat de eerste vordering niet ontvankelijk was omdat de bestreden gunningsbeslissing van 27 november 2024 minstens impliciet was ingetrokken en vervangen door de beslissing van 19 december 2024. De verzoekende partijen betwistten dit niet. Met arrest nr. 262.413 van dezelfde datum verwierp de Raad van State de vordering tot schorsing die tegen de beslissing van 19 december 2024 was ingesteld. Doordat dit verwerpingsarrest de beslissing van 19 december 2024 (met daarin de impliciete intrekking van de eerste beslissing) niet in haar tenuitvoerlegging schorste, waren de bestreden beslissingen van 27 november 2024 zonder voorwerp geworden. De vordering werd verworpen.

Waarom doet dit ertoe?

Dit arrest illustreert het procesrechtelijke leerstuk van de impliciete intrekking in overheidsopdrachten. Wanneer een aanbestedende overheid een gunningsbeslissing vervangt door een nieuwe beslissing, wordt de eerste impliciet ingetrokken. Een vordering tegen de ingetrokken beslissing verliest dan haar voorwerp. Het arrest toont ook het risico van parallelle vorderingen: de verzoekende partijen moesten twee afzonderlijke procedures voeren — één tegen de oorspronkelijke beslissing en één tegen de vervangende beslissing — waarbij de eerste haar zin verloor zodra de tweede werd afgehandeld.

De les

Wanneer u als aanbestedende overheid een gunningsbeslissing moet corrigeren, vervang deze dan door een formele nieuwe beslissing. Wees u ervan bewust dat de oorspronkelijke beslissing daarmee impliciet wordt ingetrokken. Voor inschrijvers geldt: richt uw vordering tegen de meest recente beslissing, want een vordering tegen een ingetrokken beslissing verliest haar voorwerp.

Stel jezelf de vraag

Heeft u een gunningsbeslissing vervangen door een nieuwe? Zo ja, is de oorspronkelijke beslissing daarmee impliciet ingetrokken? Richt een eventueel beroep zich tegen de juiste (meest recente) beslissing?

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →