Verwerping UDN-vordering: offerte incidentafhandeling autosnelwegen substantieel onregelmatig na bijzonder prijsonderzoek — korting van 15% op maximumprijs niet adequaat verantwoord — geen bijzonder prijsonderzoek vereist voor gekozen inschrijver bij maximumprijs zonder korting
De Raad van State verwierp de UDN-vordering van BV G. tegen de gunningsbeslissing van het Vlaamse Gewest (Agentschap Wegen en Verkeer) voor perceel 5 'E313 Oost' van het project F.A.S.T. (incidentafhandeling autosnelwegen provincie Antwerpen), omdat de aanbestedende overheid na twee rondes prijsverantwoording op het eerste gezicht terecht had geoordeeld dat de offerte met een korting van 15% op de maximumprijs substantieel onregelmatig was wegens ontoereikende prijsverantwoording, en geen bijzonder prijsonderzoek vereist was voor de gekozen inschrijver die geen korting had geboden op de vastgestelde maximumprijs.
Wat gebeurde er?
Het Vlaamse Gewest (Agentschap Wegen en Verkeer) schreef in het kader van het project F.A.S.T. een overheidsopdracht uit voor incidentafhandeling (takelen) op de autosnelwegen in de provincie Antwerpen, verdeeld over vijf percelen. Dit geschil betrof perceel 5, 'E313 Oost', voor het takelen van voertuigen met een maximaal toegelaten massa van minder dan 3,5 ton. Het betrof een maximumprijs-opdracht: de aanbestedende overheid had maximumprijzen vastgesteld per post, en het enige gunningscriterium was het kortingspercentage dat de inschrijver op die maximumprijs bood. BV G. bood een korting van 15 procent, BV S. bood een korting van 0 procent. Op 15 maart 2025 werd de opdracht aanvankelijk gegund aan BV G. als laagst biedende inschrijver. BV S. stelde een UDN-vordering in, die leidde tot het schorsingsarrest nr. 263.234 van 8 mei 2025: de Raad van State schorste de gunningsbeslissing omdat de aanbestedende overheid geen bijzonder prijsonderzoek had gevoerd ondanks aanwijzingen van abnormaal lage prijzen. De aanbestedende overheid trok de gunningsbeslissing in op 15 mei 2025 en de schorsing werd opgeheven bij arrest nr. 264.863 van 17 november 2025. Er volgde een nieuw bijzonder prijsonderzoek overeenkomstig artikel 36 van het KB van 18 april 2017. In een eerste fase (§2) werd aan BV G. gevraagd haar korting van 15 procent te verantwoorden. BV G. legde een prijsverantwoording neer, maar het Agentschap oordeelde dat deze ontoereikend was op drie punten: de uurtarieven van het personeel (32 euro per uur zonder verdere detaillering van loonkosten, sociale lasten en overhead), de kosten van onderaanneming (enkel verklaringen op eer zonder harde staving), en de onderhoudskosten van het wagenpark (300 euro per jaar per voertuig, terwijl de sectornorm 1.000 tot 1.500 euro per jaar bedraagt). In een tweede fase (§3) werd het Technisch Comité — de Algemene Technische Ondersteuning (ATO) — om advies gevraagd. Het ATO bevestigde dat de kosten ondergewaardeerd waren. Op basis van het gunningsverslag, dat de gebreken in de prijsverantwoording gedetailleerd analyseerde, verklaarde de aanbestedende overheid de offerte van BV G. substantieel onregelmatig en gunde de opdracht aan BV S., die geen korting had geboden en dus de maximumprijs hanteerde. BV G. stelde op 18 november 2025 een UDN-vordering in. De tussenkomende partij BV S. diende haar verzoek tot tussenkomst pas in om 21u42, terwijl de termijn om 12u00 verstreek; deze tussenkomst werd als laattijdig en niet-ontvankelijk verklaard. In een eerste middel met drie onderdelen betwistte BV G. het bijzonder prijsonderzoek. In het eerste onderdeel riep zij het gelijkheidsbeginsel in: in andere percelen en provincies waren hogere kortingspercentages aanvaard. De Raad oordeelde dat BV G. niet aantoonde dat het om vergelijkbare situaties ging — elk perceel heeft eigen kostenstructuren en de beoordeling gebeurt per perceel apart. In het tweede onderdeel betoogde BV G. dat de beoordeling van haar prijsverantwoording onzorgvuldig was. De Raad oordeelde dat het gunningsverslag een grondig onderbouwde analyse bevatte: de uurtarieven waren ongedetailleerd, de onderaannemingskosten niet hard gestaafd, en de onderhoudskosten (300 euro per jaar) ongeloofwaardig laag ten opzichte van de marktpraktijk, zonder dat personeelskosten in rekening werden gebracht. In het derde onderdeel stelde BV G. dat het ATO-advies niet kon dienen als aanvulling van de motivering van de bestreden beslissing. De Raad bevestigde dat de bestreden beslissing steunde op het gunningsverslag en niet op het ATO-advies, zodat dit onderdeel feitelijke grondslag miste. Het ATO-advies was overigens vertrouwelijk gehouden, maar dit had BV G. niet gehinderd nu zij haar middelen had kunnen formuleren op basis van het gunningsverslag. In een tweede middel stelde BV G. dat ook voor de gekozen inschrijver BV S. een bijzonder prijsonderzoek had moeten worden gevoerd, omdat BV G. tijdens de procedure kritiek had geuit op de maximumprijzen zelf. De Raad oordeelde dat bij een maximumprijs-opdracht een korting van 0 procent geen aanleiding geeft tot een vermoeden van abnormaal lage prijzen — de aanbestedende overheid had de maximumprijzen immers zelf vastgesteld. De vordering werd integraal verworpen.
Waarom doet dit ertoe?
Dit arrest is bijzonder instructief over het bijzonder prijsonderzoek bij maximumprijs-opdrachten. Het verduidelijkt dat wanneer een inschrijver een significante korting biedt op de door de aanbestedende overheid vastgestelde maximumprijs, dit een bijzonder prijsonderzoek kan triggeren, en dat de aanbestedende overheid daarbij een grondige beoordeling mag en moet voeren van de onderliggende kostencomponenten. Het arrest bevestigt de tweefasige aanpak van artikel 36 KB 18 april 2017: eerst een eigen prijsverantwoording door de inschrijver (§2), daarna eventueel advies van het Technisch Comité (§3). Het illustreert ook dat een heraanbesteding na een schorsingsarrest tot een volledig nieuwe beoordeling kan leiden met een tegengesteld resultaat. Ten slotte bevestigt het dat bij een maximumprijs-opdracht een inschrijver die geen korting biedt (0%) niet onderworpen hoeft te worden aan een bijzonder prijsonderzoek, aangezien de aanbestedende overheid de maximumprijzen zelf heeft vastgesteld en daarmee de marktconformiteit ervan heeft beoordeeld.
De les
Als inschrijver: wanneer je een korting biedt op een maximumprijs, wees dan voorbereid op een bijzonder prijsonderzoek en zorg ervoor dat je prijsverantwoording gedetailleerd en hard gestaafd is. Algemene verklaringen op eer of globale uurtarieven zonder onderbouwing volstaan niet. Detailleer je loonkosten, sociale lasten, overhead, onderaannemingskosten (met contracten of offertes), en onderhoudskosten (realistisch ten opzichte van de marktpraktijk). Het feit dat in andere percelen of provincies hogere kortingen worden aanvaard, is geen argument: elk perceel wordt afzonderlijk beoordeeld. Als aanbestedende overheid: bij een maximumprijs-opdracht met kortingspercentage als gunningscriterium is een bijzonder prijsonderzoek aangewezen wanneer de korting aanleiding geeft tot een vermoeden van abnormaal lage prijzen. Het gunningsverslag moet de gebreken in de prijsverantwoording concreet en gedetailleerd motiveren. Een inschrijver die de maximumprijs zonder korting hanteert, hoeft niet aan een bijzonder prijsonderzoek onderworpen te worden.
Stel jezelf de vraag
Als inschrijver: is je prijsverantwoording voldoende gedetailleerd en gestaafd met harde documenten — niet alleen verklaringen op eer? Zijn je uurtarieven opgesplitst in loonkosten, sociale lasten en overhead? Zijn je onderhoudskosten realistisch ten opzichte van de marktpraktijk? Als aanbestedende overheid: heb je bij een significante korting op de maximumprijs een bijzonder prijsonderzoek gevoerd? Motiveert het gunningsverslag concreet waarom de prijsverantwoording al dan niet toereikend is?
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →