zonder_voorwerp Nederlandstalig college

Vordering zonder voorwerp na intrekking uitbreidingsbeslissing raamovereenkomst print&post met collect&post-diensten — kosten ten laste aankoopcentrale PARADIGM

Arrest nr. 261351 · 14 november 2024 · XIVe kamer

De Raad van State verwerpt de UDN-vordering van NV POSTALIA BELGIUM tegen de beslissing van aankoopcentrale PARADIGM om de raamovereenkomst BB2022.011 (print&post) uit te breiden met collect&post-diensten, aangezien PARADIGM de uitbreidingsbeslissing heeft ingetrokken en de diensten uit de catalogus heeft geschrapt, waardoor de vordering zonder voorwerp is, met de kosten ten laste van PARADIGM.

Wat gebeurde er?

PARADIGM, een aankoopcentrale, heeft een raamovereenkomst gesloten voor het drukken, voorbereiden en afleveren van uitgaande briefwisseling per post (bestek BB2022.011, 'print&post'). PARADIGM beslist vervolgens om deze raamovereenkomst uit te breiden met 'collect&post'-diensten — het ophalen bij de klant, frankeren en verzenden van allerlei poststukken, inclusief pakketjes. NV POSTALIA BELGIUM, actief in de postsector, vecht deze uitbreidingsbeslissing aan via een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid op 22 september 2024. Bij beschikking van 24 september 2024 wordt de terechtzitting een eerste maal vastgesteld op 16 oktober 2024. Op 4 oktober 2024 beslist PARADIGM om de uitbreidingsbeslissing in te trekken en de collect&post-diensten te schrappen uit de catalogus van diensten die ter beschikking worden gesteld van de begunstigde aanbestedende overheden. Ter terechtzitting van 6 november 2024 stelt de Raad vast dat de vordering in haar geheel zonder voorwerp is: er is geen bestreden beslissing meer om te schorsen, minstens heeft de verzoekende partij geen actueel belang meer. De vordering wordt niet-ontvankelijk verklaard. PARADIGM wordt als de in het ongelijk gestelde partij verwezen in de kosten: 200 EUR rolrecht, 24 EUR bijdrage en 770 EUR rechtsplegingsvergoeding.

Waarom doet dit ertoe?

Dit arrest illustreert opnieuw de vaste procesrechtelijke gevolgen van een intrekking van de bestreden beslissing hangende een UDN-procedure. De vordering verliest haar voorwerp, maar de verwerende partij die de bestreden beslissing intrekt wordt beschouwd als de in het ongelijk gestelde partij en draagt de kosten, inclusief de rechtsplegingsvergoeding. Inhoudelijk toont het arrest het risico van een uitbreiding van het voorwerp van een raamovereenkomst: PARADIGM gaf het verzet van POSTALIA BELGIUM gelijk door de uitbreiding in te trekken nog vóór de zitting.

De les

Als aankoopcentrale of aanbestedende overheid: een uitbreiding van het voorwerp van een bestaande raamovereenkomst kan worden aangevochten. Als je de bestreden beslissing intrekt hangende de UDN-procedure, draag je de kosten (770 EUR rechtsplegingsvergoeding + rolrecht + bijdrage). Als inschrijver of concurrent: handhaaf je vordering ook na intrekking van de bestreden beslissing — de kosten worden ten laste gelegd van de verwerende partij. Let er wel op dat de intrekking de vordering zonder voorwerp maakt.

Stel jezelf de vraag

Als aanbestedende overheid: is de geplande uitbreiding van je raamovereenkomst juridisch houdbaar? Heb je de financiële gevolgen van een mogelijke intrekking na een vordering ingeschat? Als inschrijver: is de uitbreiding van de raamovereenkomst betwistbaar? Heb je tijdig een UDN-vordering ingesteld? Heb je je vordering gehandhaafd na intrekking om de kostenveroordeling te verkrijgen?

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →