Bevoorrading levensmiddelen OCMW Verviers: afstand van geding wegens niet-voortzetting procedure na verwerping UDN-vordering
De Raad van State decreteert de afstand van geding in een annulatieprocedure tegen de niet-selectie van een inschrijver voor een opdracht voor de levering van levensmiddelen en onderhoudsproducten aan het OCMW van Verviers, omdat de verzoekende partij na de verwerping van haar UDN-vordering (arrest nr. 262.644 van 18 maart 2025) geen verzoek tot voortzetting van de procedure heeft ingediend binnen de termijn van dertig dagen — het wettelijk vermoeden van afstand van geding van artikel 17, §7, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State is van toepassing.
Wat gebeurde er?
Het OCMW van Verviers schrijft een overheidsopdracht uit voor de levering van levensmiddelen en onderhoudsproducten, verdeeld in drie percelen: keuken (inclusief HACCP), algemeen onderhoud en wasserij, en papier en zeep. Vier inschrijvers worden geselecteerd (Lyreco, Alpheios Belgium, Boma en Depairon). De verzoekende partij (SRL Materne Dormal) wordt niet geselecteerd: zij werd uitgenodigd om haar offerte te regulariseren via het eProcurement-platform door ontbrekende technische fiches over te maken, maar bij de opening van de elektronische kluis bleek het elektronisch indieningsverslag niet ondertekend, waardoor het OCMW de overgemaakte documenten niet in aanmerking kon nemen. De percelen worden gegund aan respectievelijk Alpheios Belgium, Boma en Lyreco. Materne Dormal vordert op 3 februari 2025 de nietigverklaring van de bestreden beslissing van 4 december 2024 en dient gelijktijdig een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid in. SA Boma komt tussen in de procedure. Bij arrest nr. 262.644 van 18 maart 2025 wordt de tussenkomst van Boma ontvankelijk verklaard en wordt de UDN-vordering verworpen. Dit arrest wordt op dezelfde dag aan de partijen betekend. Op grond van artikel 17, §7, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bestaat er in hoofde van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer, na de verwerping van de vordering tot schorsing, zij binnen een termijn van dertig dagen na de kennisgeving van het arrest geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient. Materne Dormal dient geen verzoek tot voortzetting in binnen de wettelijke termijn. Na de toepassing van artikel 11/3 van het algemeen procedurereglement — waarbij de griffie de verzoekende partij op 15 mei 2025 meedeelt dat de kamer de afstand van geding zal decreteren tenzij zij binnen vijftien dagen vraagt om gehoord te worden — reageert Materne Dormal evenmin. De Raad decreteert de afstand van geding. De kosten worden ten laste van de verzoekende partij gelegd: rolrecht van 200 EUR, bijdrage van 24 EUR en een rechtsplegingsvergoeding van 770 EUR aan de verwerende partij. De tussenkomende partij draagt het recht van 150 EUR verbonden aan haar tussenkomst.
Waarom doet dit ertoe?
Dit arrest illustreert de strikte procedurele gevolgen van de verwerping van een UDN-vordering voor het hangende annulatieberoep. Na de verwerping van de schorsingsvordering beschikt de verzoekende partij over een termijn van slechts dertig dagen om de voortzetting van de annulatieprocedure te vragen. Bij gebreke van een tijdig verzoek ontstaat een onweerlegbaar wettelijk vermoeden van afstand van geding, waardoor het annulatieberoep definitief eindigt. De verzoekende partij draagt in dat geval de proceskosten. Het mechanisme van artikel 11/3 van het algemeen procedurereglement biedt een laatste waarschuwing, maar ook het uitblijven van een reactie op die waarschuwing leidt tot de afstand.
De les
Als inschrijver: wanneer uw UDN-vordering wordt verworpen, noteer onmiddellijk de datum van kennisgeving van het arrest en dien binnen dertig dagen een verzoek tot voortzetting van de procedure in. Deze termijn is absoluut — bij overschrijding wordt de afstand van geding gedecreteerd zonder mogelijkheid tot regularisatie. U draagt dan de proceskosten, inclusief de rechtsplegingsvergoeding van de verwerende partij. Zelfs de extra waarschuwing van de griffie (artikel 11/3) met een termijn van vijftien dagen om te vragen gehoord te worden, biedt slechts een beperkte redding. Als aanbesteder: wees u ervan bewust dat het vermoeden van afstand na een verworpen UDN-vordering uw gunningsbeslissing in beginsel definitief maakt, tenzij de inschrijver tijdig voortzetting vraagt.
Stel jezelf de vraag
Als inschrijver: is uw UDN-vordering verworpen? Hebt u de termijn van dertig dagen na kennisgeving genoteerd? Hebt u uw verzoek tot voortzetting tijdig ingediend? Als aanbesteder: is de UDN-vordering verworpen? Controleer of de termijn van dertig dagen is verstreken — zo ja, is uw beslissing in beginsel definitief.
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →