Verwerping Franstalig college

Verwerping UDN-vordering: offerte terecht wezenlijk onregelmatig verklaard wegens onzekerheid over verkrijging auteursrechten op BD-personages — note-résumé die strekking van middel wijzigt niet in aanmerking genomen

Arrest nr. 264948 · 24 november 2025 · VIe kamer

De Raad van State verwierp de UDN-vordering van SA Blaclère Illumination Belgique tegen de wering van haar offerte en de gunning door de Stad Charleroi van een opdracht voor stedelijke verlichting, omdat de aanbestedende overheid de offerte op het eerste gezicht terecht als wezenlijk onregelmatig had geweerd wegens de onzekerheid over de daadwerkelijke verkrijging van auteursrechten op stripfiguren uit Charleroi, en omdat de door de inschrijver voorgestelde 'alternative' (phylactères met uitroeptekens) niet voldoende concreet was en neerkwam op een verboden variante.

Wat gebeurde er?

De Stad Charleroi schreef een openbare procedure uit voor de huur van materiaal voor tijdelijke en permanente stedelijke verlichting voor de periode 2025-2029, geraamd op maximaal € 929.500 exclusief btw voor de volledige looptijd. De opdracht omvatte drie percelen: kerstverlichting (perceel 1), permanente verlichting (perceel 2) en evenementenverlichting (perceel 3). De gunningscriteria waren de prijs (60 punten) en de waardering van het project (40 punten). Twee inschrijvers dienden een offerte in: SA Blaclère Illumination Belgique (hierna: Blaclère) en NV City Lights. In haar offerte voor percelen 1 en 2 stelde Blaclère een 'parcours BD lumineux' voor: een verlicht wandeltraject met lichtgevende figuren geïnspireerd op stripfiguren uit Charleroi, waaronder personages uit de Smurfen, Marsupilami, Lucky Luke, Spirou en Boule et Bill. Dit BD-parcours vormde een centraal element van de offerte en omvatte meerdere posten uit de inventaris. Op 19 september 2025 stuurde de aanbestedende overheid een verduidelijkingsverzoek aan Blaclère op grond van artikel 66, §3, van de wet van 17 juni 2016, met de vraag naar de kosten verbonden aan de verwerving van de auteursrechten op deze stripfiguren. Blaclère antwoordde op 24 september 2025 dat de stappen voor de verwerving van de auteursrechten waren 'opgestart' ('entamées') maar nog niet afgerond, en dat de kosten voor de verwerving integraal ten laste van Blaclère zouden zijn en dus inbegrepen in de voorgestelde prijzen. Blaclère voegde eraan toe dat indien de auteursrechten niet zouden worden verkregen, zij als alternatief phylactères (tekstballonnen) met uitroeptekens zou plaatsen in plaats van de BD-figuren, zonder meerprijs. In het evaluatieverslag van 14 oktober 2025 stelde de aanbestedende overheid vast dat de offerte van Blaclère op meerdere punten problematisch was. Ten eerste was er een tegenstrijdigheid in de prijsstelling: het oorspronkelijke aanbod vermeldde nergens kosten voor auteursrechten, terwijl het antwoord op de verduidelijking stelde dat deze kosten wél inbegrepen waren in de voorgestelde prijzen. Dit kwam neer op een wijziging van de offerte via de verduidelijking, wat niet was toegestaan onder artikel 66, §3, van de wet. Ten tweede bestond er fundamentele onzekerheid over de uitvoerbaarheid: de verwerving van de auteursrechten was slechts 'opgestart' maar niet voltooid, zodat niet vaststond dat Blaclère de opdracht zou kunnen uitvoeren zoals voorgesteld. Ten derde was de voorgestelde 'alternative' — phylactères met uitroeptekens — niet concreet genoeg: er was geen technische fiche voor bijgevoegd, de omvang was onduidelijk, en het kwam neer op een ongeoorloofde variante voor de betreffende posten, terwijl varianten voor die posten uitdrukkelijk waren verboden in het bestek. De offerte werd op grond van artikel 76, §1, 4°, van het KB van 18 april 2017 als wezenlijk onregelmatig geweerd, en de opdracht werd op 15 oktober 2025 gegund aan NV City Lights, de enige overgebleven inschrijver. Blaclère stelde een UDN-vordering in met een enig middel, ontleend aan de schending van artikel 76 KB 18 april 2017, de zorgvuldigheidsplicht en het gelijkheidsbeginsel. Zij betoogde dat haar offerte ten onrechte als wezenlijk onregelmatig was geweerd en dat de aanbestedende overheid de onzekerheid over de auteursrechten had kunnen opvangen via het feit dat een concrete alternative was aangeboden. Op de dag van de zitting legde Blaclère een 'note-résumé du moyen' neer waarin zij bijkomende argumenten ontwikkelde en correcties aanbracht aan de formulering van haar middel. De Raad van State nam deze nota niet in aanmerking voor zover zij de strekking van het ingediende middel wijzigde, aangezien correcties die het toepassingsgebied van een middel uitbreiden in die procedurefase niet meer zijn toegelaten. De Raad oordeelde dat het middel op het eerste gezicht niet ernstig was. De aanbestedende overheid had terecht vastgesteld dat de offerte van Blaclère een wezenlijke onzekerheid bevatte over een centraal element: het BD-parcours met beschermde stripfiguren. De stappen voor auteursrechtverwerving waren slechts 'opgestart', niet voltooid, zodat niet vaststond dat de opdracht kon worden uitgevoerd zoals aangeboden. De voorgestelde alternative (phylactères met uitroeptekens) was onvoldoende concreet en niet vergezeld van een technische fiche, zodat de aanbestedende overheid niet in staat was de offerte te analyseren en te vergelijken in het scenario waarin de auteursrechten niet zouden worden verkregen. De Raad bevestigde dat dit neerkwam op een voorwaardelijke offerte en een wezenlijke onregelmatigheid in de zin van artikel 76 KB 18 april 2017. De vordering werd verworpen.

Waarom doet dit ertoe?

Dit arrest illustreert dat een offerte die voor een centraal element afhankelijk is van een externe toestemming die nog niet is verkregen — hier auteursrechten op beschermde stripfiguren — als wezenlijk onregelmatig kan worden geweerd. De onzekerheid over de uitvoerbaarheid maakt de offerte voorwaardelijk, wat onverenigbaar is met het beginsel dat offertes definitief en onvoorwaardelijk moeten zijn. Een 'alternative' die wordt voorgesteld voor het geval de toestemming niet wordt verkregen, volstaat niet als die alternative onvoldoende concreet is en neerkomt op een verboden variante. Het arrest herinnert er ook aan dat een verduidelijking van de offerte onder artikel 66, §3, de offerte niet mag wijzigen, en dat een note-résumé die de strekking van een middel wijzigt niet in aanmerking wordt genomen.

De les

Als inschrijver: dien geen offerte in waarvan een kernonderdeel afhankelijk is van een externe toestemming die je nog niet hebt verkregen. Auteursrechten, licenties, vergunningen of andere goedkeuringen van derden moeten rond zijn vóór de indiening van je offerte, niet erna. Als je een alternatief scenario aanbiedt voor het geval een element niet haalbaar is, maak dat alternatief dan even concreet en gedetailleerd als je hoofdvoorstel, met technische fiches en duidelijke omschrijving, en ga na of het bestek varianten toelaat voor die posten. Houd er rekening mee dat een antwoord op een verduidelijkingsverzoek je offerte niet mag wijzigen — als je oorspronkelijke offerte geen auteursrechtkosten vermeldde, kun je die niet alsnog 'inbegrepen' verklaren. Als aanbestedende overheid: wanneer een offerte een element bevat dat afhankelijk is van een onzekere externe factor, is het gerechtvaardigd die offerte als wezenlijk onregelmatig te weren wegens onzekerheid over de uitvoerbaarheid.

Stel jezelf de vraag

Als inschrijver: zijn alle kernonderdelen van je offerte definitief en uitvoerbaar op het moment van indiening, of zijn er elementen die afhangen van externe toestemmingen (auteursrechten, licenties, vergunningen) die nog niet rond zijn? Bied je een 'alternatief' aan voor het geval een element niet haalbaar is — en zo ja, is dat alternatief even concreet en gedetailleerd als je hoofdvoorstel, en laat het bestek varianten toe? Wijzigt je antwoord op een verduidelijkingsverzoek de inhoud of de prijzen van je oorspronkelijke offerte? Als aanbestedende overheid: heb je bij de beoordeling van de offerte nagegaan of alle aangeboden elementen daadwerkelijk uitvoerbaar zijn, of er onzekerheden bestaan over externe toestemmingen, en of eventuele alternatieven voldoende concreet zijn om een vergelijking mogelijk te maken?

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →