Annulatievordering zonder voorwerp na intrekking gunningsbeslissing — opheffing eerder bevolen schorsing — rechtsplegingsvergoeding basisbedrag ten laste van verwerende partij
De Raad van State stelde vast dat de annulatievordering van SRL O2O tegen de gunning door SCRL Vivalia van een raamovereenkomst voor fietsleasing zonder voorwerp was geworden, nu Vivalia de bestreden gunningsbeslissing op 8 juli 2025 had ingetrokken en deze intrekking definitief was geworden bij gebrek aan annulatieberoep, zodat de eerder bij arrest nr. 263.712 bevolen schorsing werd opgeheven en de rechtsplegingsvergoeding op het basisbedrag werd toegekend aan de verzoekende partij.
Wat gebeurde er?
SCRL Vivalia, een coöperatieve vennootschap, had een overheidsopdracht uitgeschreven voor een raamovereenkomst betreffende de leasing van fietsen ten behoeve van het personeel van de Vivalia-instellingen (CSC nr. 1/053/2024). De opdracht werd op 1 april 2025 gegund aan de vennootschap Bike4All, met de offerte van SRL O2O als tweede gerangschikt. O2O stelde op 5 juli 2025 een annulatieberoep in tegen die gunningsbeslissing. Eerder, bij arrest nr. 263.712 van 24 juni 2025, had de Raad van State bij uiterst dringende noodzakelijkheid de schorsing van de tenuitvoerlegging van de gunningsbeslissing bevolen, met onmiddellijke uitvoering van het arrest. Op 8 juli 2025 trok Vivalia de bestreden gunningsbeslissing in. Deze intrekking werd per e-mail en aangetekende brieven meegedeeld aan de inschrijvers op 14, 15 en 16 juli 2025, met vermelding van de beroepsmogelijkheden en de vormen en termijnen die moesten worden nageleefd. Er werd geen annulatieberoep ingesteld tegen de intrekkingsbeslissing binnen de voorgeschreven termijn, zodat de intrekking als definitief kon worden beschouwd. De Raad stelde vast dat de definitieve intrekking van de bestreden beslissing het annulatieberoep van zijn voorwerp beroofde en dat bijgevolg de bij arrest nr. 263.712 bevolen schorsing moest worden opgeheven. Over de kosten oordeelde de Raad dat de verdwijning van de bestreden akte als gevolg van de intrekking een succedaan vormde van een contentieuse vernietiging, zodat Vivalia als de in het ongelijk gestelde partij moest worden beschouwd in de zin van artikel 30/1 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State. O2O vroeg een rechtsplegingsvergoeding aan het basisbedrag, vermeerderd met 20 procent. De Raad wees de verhoging echter af: op grond van artikel 67, §2, derde lid, van het algemeen procedurereglement is er geen reden om het basisbedrag te verhogen wanneer het annulatieberoep zonder voorwerp is. De rechtsplegingsvergoeding werd toegekend op het geïndexeerde basisbedrag van 770 euro, samen met het rolrecht van 400 euro en de bijdrage van 52 euro, alle ten laste van Vivalia.
Waarom doet dit ertoe?
Dit arrest illustreert het processuele gevolg van de intrekking van een bestreden gunningsbeslissing door de aanbestedende overheid: het annulatieberoep verliest zijn voorwerp en de eerder bevolen schorsing wordt opgeheven. Tegelijk bevestigt het dat de intrekking wordt beschouwd als een succedaan van een contentieuse vernietiging, zodat de aanbestedende overheid als de in het ongelijk gestelde partij wordt aangemerkt en de kosten draagt. De verhoging van het basisbedrag van de rechtsplegingsvergoeding is evenwel niet mogelijk wanneer de vordering zonder voorwerp is geworden.
De les
Als aanbestedende overheid: als je een gunningsbeslissing intrekt na een annulatieberoep, wordt dit beschouwd als een succedaan van vernietiging. Je wordt als de in het ongelijk gestelde partij beschouwd en draagt de procedurekosten, inclusief de rechtsplegingsvergoeding op het basisbedrag. Zorg ervoor dat de intrekkingsbeslissing correct wordt genotificeerd aan alle inschrijvers met vermelding van beroepsmogelijkheden, vormen en termijnen. Als inschrijver: wanneer de aanbestedende overheid de bestreden beslissing intrekt, verliest je annulatieberoep zijn voorwerp. Je behoudt wel recht op de rechtsplegingsvergoeding op het basisbedrag, maar een verhoging daarvan is niet mogelijk bij een vordering die zonder voorwerp is geworden. Overweeg eventueel een schadevergoeding tot herstel als alternatief.
Stel jezelf de vraag
Als aanbestedende overheid: als je overweegt een gunningsbeslissing in te trekken na een beroep, heb je rekening gehouden met het feit dat je de procedurekosten zult dragen? Is de intrekkingsbeslissing correct genotificeerd met vermelding van beroepsmogelijkheden? Als inschrijver: als de bestreden beslissing is ingetrokken, is je annulatieberoep dan nog zinvol? Heb je de mogelijkheid overwogen om de rechtsplegingsvergoeding op te eisen als succedaan van vernietiging?
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →